ThuisHandelHistorieUit de FrisoContact en toevoegingenFoto's WorkumVerhalenGeschiedenis
Ontstaan
Korte historie van de stad Workum
De Grote of St.Gertrudiskerk
De Waag
Het stadhuis
Doopsgezinde kerk
De Workumer toren
St.Werenfriduskerk
Scheepstimmerwerf De hoop
KRONIEK 1100 JAAR WORKUM
Tijdvak 600 v.C.-1000
Tijdvak 1426-1523
Tijdvak 1524-1574
Tijdvak 1575-1640
Tijdvak 1641-1704
Tijdvak 1705-1795
Tijdvak 1796-1839
Tijdvak 1840-1893
Tijdvak 1894-1919
Tijdvak 1920-1973
Tijdvak 1974-2000
NATUURHISTORISCHE OMGEVING
Van Flevo tot IJsselmeer
Kerkepad de Tillefonne
De Aldedyk
De Workumermeer
it Heidenskip
Over de dijk naar Hindeloopen
Brekkenpaad
"ONTWIKKELING VAN WORKUM IN 100 JAAR" (1910-2010)
Deel 1
Deel 2
Deel 3
Deel 4
Deel 5
Deel 6
Deel 7
Deel 8
Deel 9
Deel 10
Deel 11
Deel 12
Tijdvak 1000-1425

 
 
  Parochiezegel 1385
 
 Koggeschip
 
  Zegel met kerk 1355
 
Albrecht van Beieren

Schieringers en Vetkoopers 


Deel 2 Tijdvak 1000-1425
 
1025
Omstreeks deze tijd werd een eenvoudig houten kerkje gebouwd op een terp in het midden van de nederzetting Workum langs de Wijmerts. De geschiedschrijver Obreen oppert voorzichtig dat de Friese Gravin Gertrudis ter ere van haar naamheilige de kerkstichting heeft gedaan. Gertrudis was een dochter van Pepijn de Oude. Zij leefde van 626 tot 659 en was overste van het zelfstandig vrouwenklooster van Nijvel in Belgie. Omstreeks het jaar 1000 begon haar verering omdat ze beschermster zou zijn van de zeevarenden. Een prachtige afbeelding van de heilige Gertrudis staat op een parochiezegel van Workum uit 1385
 
1250
Scheepsbouwers ontwierpen de kogge. Het was een kort en breed gebouwd schip met een rechte kiel en steile steven, overnaads gebouwd met sterke eiken gangen en spanten. Het droeg een vierkant zeil, een ra die gevierd kon worden en het kon meer dan 130 ton vracht vervoeren. De kogge was een stoer en sterk zeegaand schip dat nieuwe handelswegen opende naar Frankrijk, Engeland, Duitsland en de Oostzeelanden.
 
1297
De Workumer schippers Wolfardus de Waltercome en Yaldardus de Waltercome vervoerden hooi voor de Engelse koning Edward I dat staat vermeld in Engelse archieven. Bij het jaartal 1305 staan zelfs zes schippers uit Workum vermeld. Workum was toen al een bloeiende nederzetting met overzeese handel.
 
1333
De grote zeearm “De Middelzee” bij het Bildt slibte langzaam maar zeker dicht. Plaatsen als Leeuwarden, Sneek en Bolsward waren vanaf de open zee niet meer bereikbaar. Alle aanvoer moest toen via de Zuiderzee lopen. Hierdoor kwamen de plaatsen aan de Zuiderzee, zoals Workum tot grote bloei. Kooplieden en ambachtslui gingen zich hier vestigen.
 
1350
Rijke schippers en kooplui betaalden de bouw van een stenen kerkje in Workum. Een afbeelding hiervan staat op een zegel (1355 ) die bewaard wordt in Lübeck. Dit is niet zo verwonderlijk, want het verbond van handelssteden langs Noord- en Oostzee (Hanzeverbond) stond onder aanvoering van de Duitse Lübeck.
 
1353
Priesters en inwoners van Wolderchem ( Workum ) droegen het Gertrudiskerkje over aan de Abdij van Stavoren. Daarbij hielden zij wel het recht zelf hun monniken te kiezen voor hun diensten en parochiewerk. Dit is een van de eerste officiële oorkonden die bewaard is gebleven over de historie van de stad Workum.
 
1389
Volgens B. Voets werd in Workum begonnen met de bouw van een vrouwenklooster. Andere geschiedschrijvers hanteren een iets latere datum. Het werd bewoond door de Grauwe Begijnen. Het lag aan het einde van de Bagynastreta over de “Nije Delft” ( later de Djippe Dolte”). Zij kregen de opdracht om de armen te helpen en onderwijs te geven aan de kinderen. In die tijd kon bijna niemand nog lezen of schrijven. De zusters bezaten veel geld. Zij hadden het beginsel: Zorg eerst voor jezelf dan zorgt God voor ons allen. Toch hebben de zusters ook veel betekend voor de gemeenschap van Workum.
 
1399
De Hollandse Graaf Albrecht van Beieren veroverde Friesland. Hij gaf Workum het poortrecht. Hierdoor mocht Workum zichzelf besturen. De Graaf benoemde een Schout, die op zijn beurt zeven Schepenen aanwees. Tenslotte benoemden zij gezamenlijk vier raadsleden uit de bevolking. De bevolking had dus weinig inbreng. Met het poortrecht kreeg Workum ook een aantal privileges zoals het marktrecht en eigen rechtspraak.
 
1420
Er was onrust in Friesland. De edelmannen zochten macht. De kloosters hadden onenigheid en er was onderlinge haat en nijd. De ene orde schold de schiere of grijze monniken uit voor “Schieringers”. De andere orde schold terug met “Vetkoopers”, omdat zij handel dreven in de vette rundvee. De adel koos partij voor de Vetkoopers. Zo hadden de edelmannen een reden om te vechten. Kloosters werden vernietigd, stinzen  verbrand en er vielen vele doden te betreuren.
 
1430
Workum was vaak het hoofdtoneel van de strijd. Soms waren de Vetkoopers heer en meester in Workum. Een andere periode de Schieringers en elke keer waren daarbij weer hevige gevechten en vele vernielingen in de stad. De omringende machten als de graaf van Holland, de hertog van Gelre en de stad Groningen probeerden van deze twisten te profiteren om hun invloed in Friesland uit te breiden door nu eens de ene, dan weer de andere partij te steunen.
 
1425
Het wapen van Workum komt voor het eerst voor op een stadszegel onder een oorkonde uit 1426. De halve zwarte adelaar op goud, symboliseert het recht op de bekleding van het rechtersambt. De drie lelies zijn vanouds het symbool van reinheid en onschuld in het bijzonder ook van de heilige maagd Maria. Daarmee zouden de lelies een verwijzing kunnen zijn naar de Sint Gertrudis, de patroonheilige van Workum in de Middeleeuwen.
 
Thijs de Vries

ThuisHandelHistorieUit de FrisoContact en toevoegingenFoto's WorkumVerhalenGeschiedenis